Voortschrijdend inzicht regels verrekenbedingen

donderdag, 18 mei 2006

Nadat de Hoge Raad drie maanden na de inwerkingtreding van de Wet regels verrekenbedingen het arrest Schwanen / Hundscheid wees (HR 6 december 2002, RvdW 2002, 201), volgde op 18 april 2003 de uitspraak in de zaak Zandstra / Vis (NJ 2003, 441). Sedertdien heeft de Hoge Raad geen belangwekkende uitspraken over de toepassing van de regels verrekenbedingen gewezen. Toch heeft de tijd niet stil gestaan. Er wordt volop geprocedeerd over de uitwerking van periodieke verrekenbedingen. Voor de rechtsvinding is dat nodig. De wetgever heeft immers welbewust nagelaten kernbegrippen van de regels verrekenbedingen wettelijk te definiëren, met de bedoeling de rechtsvorming bij de toepassing van de regels verrekenbedingen niet in de weg te staan. Voor de praktijk is daarom verslaglegging van de jurisprudentie over de betekenis van kernbepalingen rond verrekenbedingen van groot belang. In dit artikel worden de belangrijkste mij bekende uitspraken, die gerechtshoven en rechtbanken daarover hebben gewezen.

Zie bijlage.

Download bijlage: Voortschrijdend inzicht (PDF, 141 KB)