Poortwachter

dinsdag, 1 januari 2002

Wetsvoorstel Verbetering Poortwachter Om de instroom in de WAO tegen te gaan, heeft de wetgever de verantwoordelijkheden van de werkgever en de zieke werknemer ten aanzien van reïntegratie ingrijpend aangescherpt. Die aanscherping gaat gelden per 1 april 2002 en verzuim van de verantwoordelijkheden heeft verstrekkende gevolgen. 

Verantwoordelijkheid werkgever

Op de werkgever gaat een intensieve reïntegratieplicht rusten.

In de eerste plaats dient de werkgever te onderzoeken of diens zieke werknemer in staat is zijn eigen werk, al dan niet met aanpassingen en/of in deeltijd, kan verrichten. Is dat niet mogelijk, dan dient hij te zoeken naar ander werk van gelijk functieniveau. Is dat ook niet voorhanden, dan zal de werkgever moeten zoeken naar mogelijkheden buiten het eigen bedrijf. De werkgever moet hierdoor "uitzend-achtige" acties ondernemen.

Deze situatie zal zich vooral bij relatief kleinere bedrijven voordoen.

Bij dit alles dient nauwgezet te worden beoordeeld, welke mogelijkheden tot reïntegratie er zijn en dient even nauwgezet te worden vastgelegd, wat daarmee is gedaan.

De werkgever is verplicht om in overleg met de werknemer een reïntegratieverslag op te stellen en de werknemer daarvan een afschrift te verstrekken.

De werknemer dient dit verslag bij het  UWV, het nieuwe Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (vandaar de naam Poortwachter) in te leveren.

Heeft de werkgever naar mening van het UWV onvoldoende ondernomen om tot reïntegratie te komen, dan kan de loondoorbetalingsverplichting van de werkgever worden verlengd met maximaal 52 weken. In dat geval verdwijnt de werknemer dan ook niet in de WAO en/of WW, maar blijft een kostenpost voor de werkgever.

Verantwoordelijkheid werknemer

De werknemer is op zijn beurt verplicht om gevolg te geven aan redelijke voorschriften van zijn werkgever om mee te werken aan reïntegratie, mee te werken aan het plan van aanpak en passend werk te verrichten, waartoe de werkgever hem in de gelegenheid stelt. Wat als passend werk moet worden aangemerkt, wordt op verzoek van werknemer en/of werkgever uiteindelijk bepaald door het UWV, nadat de Arbo-dienst dat heeft beoordeeld.

Verzuim van die plichten door de werknemer kan worden bestraft met de stopzetting van loondoorbetaling.

Geen opzegverbod bij ziekte

Het ontslagverbod bij ziekte zal niet meer van kracht zijn in het geval de werknemer zonder deugdelijke grond weigert:

  • gevolg te geven aan redelijke voorschriften en maatregelen die hem in staat stellen passend werk te verrichten;
  • als passend aan te merken werk te verrichten;
  • medewerking te verlenen aan het opstellen, evalueren en bijstellen van het plan van aanpak.

Voor de werkgever vervalt de verplichting om in het eerste jaar van ziekte een reïntegratieplan op te stellen, alsmede om, zoals nu nog het geval, bij een verzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst een getoetst reïntegratieplan aan te kantonrechter te overleggen.

Conclusie

De, met name financiële consequenties van onvoldoende activiteit (werkgever) of passiviteit (werknemer) zijn omvangrijk. De grenzen zullen in de praktijk moeten blijken en zullen met name bepaald worden door het UWV, dat een onderzoek kan doen naar de aanwezigheid van passende arbeid of naar de vraag of de werkgever voldoende en geschikte reïntegratie-inspanningen heeft verricht.

Ons kantoor zal een lezing organiseren waarin deze thematiek nader uiteen zal worden gezet. U wordt hierover te zijner tijd geïnformeerd.

Auteur