Huwelijk of ongehuwd samenleven?

donderdag, 3 december 2009

Onlangs verscheen het rapport ‘Relatie en gezin aan het begin van de eenentwintigste eeuw’ van het Centraal Bureau voor de Statistiek. Dit rapport geeft inzicht in de meest recente ontwikkelingen met betrekking tot relatie- en gezinsvorming. Welke conclusies kunnen er naar aanleiding van dit rapport getrokken worden? 

Vroeger en nu

Het ongehuwd samenleven is een fenomeen dat tot halverwege de vorige eeuw nauwelijks voorkwam. Het huwelijk had een sterke monopoliepositie. Vooral sinds de jaren zeventig is het aantal ongehuwde samenlevers explosief gestegen. In 2008 waren er al 800.000 niet-gehuwde paren. In het algemeen kan daarbij worden gewezen op oorzaken zoals een steeds verdere individualisering en secularisering van de samenleving. Dit heeft een belangrijke rol gespeeld in de acceptatie van buitenhuwelijkse seks en van de niet-huwelijkse samenleving. Maar de explosieve groei van deze groep hangt ook samen met de gevolgen van urbanisatie, industrialisatie, emancipatie van vrouwen, de opkomst van de verzorgingsstaat en de technologische revolutie waarin we ons bevinden.  

Door voornoemde oorzaken is de monopoliepositie van het huwelijk zwaar aangetast. De betekenis van het huwelijk mag dan zijn veranderd, het huwelijk heeft aan belang niet ingeboet. Immers, uit het rapport van het CBS blijkt dat onder jongeren het huwelijk nog steeds in trek is. Driekwart van hen wil uiteindelijk trouwen.

Ondanks een lichte afname van het aantal huwelijken in 2009 - naar schatting zal dit 72.000 zijn, hetgeen 3.500 minder is dan in 2008 – blijft het huwelijk een populair instituut. De daling in 2009 hangt immers vooral samen met de economische crisis en het steeds verder voor zich uit schuiven van het huwelijk door ongehuwde samenlevers. Onder hen blijft de wens om uiteindelijk te trouwen, vergeleken met voorgaande jaren, even groot.

Buitenhuwelijkse geboorten

Het steeds verder uitstellen van het huwelijk door jonge ongehuwde samenlevers heeft als gevolg dat het aandeel ongetrouwde ouders toeneemt. Onder dertigers steeg dit het afgelopen decennium van 8 naar 22 procent. Van de eerste kinderen wordt tegenwoordig de helft buiten het huwelijk geboren. Een fenomeen dat ondenkbaar was tot zo’n 60 jaar geleden. Het was in die tijd niet ongebruikelijk dat sociale uitsluiting volgde voor de ouders na een dergelijke geboorte!

(Echt)scheiding en de gevolgen daarvan

Het aantal echtscheidingen schommelt de laatste 20 jaar tussen de 30.000 en 38.000 per jaar. In 2008 eindigden 32.000 huwelijken door echtscheiding. Het aantal scheidingen onder niet-huwelijkse samenlevers is onbekend. Echter, door het CBS is verder onderzocht hoe het verloop van de niet-huwelijkse samenleving is. Daaruit blijkt dat vooral in de eerste vijf jaren veel niet-huwelijkse samenleefrelaties eindigen (door scheiding of huwelijk) en dat dit vooral na 8 jaar sterk vermindert.

Doordat relaties vaker en sneller uitlopen op een (echt)scheiding, is het aantal alleenstaanden en eenoudergezinnen de afgelopen jaren fors toegenomen, vooral onder dertigers en veertigers. Bij een kwart van hen is de belangrijkste reden om uit elkaar te gaan dat iemand anders in het spel is.

In het eerste jaar na scheiding heeft de helft van de ex-partners redelijk tot goed contact met elkaar. Twee op de drie ex-partners heeft contact met elkaar indien er geen kinderen bij de scheiding zijn betrokken. Waren er wel kinderen bij de scheiding betrokken, dan geldt dit voor vier op de vijf ex-partners. Het contact is dan echter in een op de drie gevallen slecht.

Tenslotte blijkt uit het rapport dat de Latrelatie zeer in trek is bij met name gescheiden vrouwen met kinderen en bij de wat oudere ongehuwde mensen. Ruim de helft van de mensen met een latrelatie woont regelmatig voor een korte duur bij elkaar.

Voor meer informatie klik hier

Bron: CBS Persbericht PB09-075