Fusie Eureko en De Friesland nader onderzocht door NMa

dinsdag, 1 februari 2011

De Nederlandse Mededingingsautoriteit (“NMa”) heeft op 28 december jl. besloten dat voor het tot stand brengen van de fusie tussen Eureko B.V. (“Eureko”) en Coöperatie De Friesland U.A. (“De Friesland”) een vergunning is vereist. Partijen hebben op 10 januari jl. hiertoe een vergunningsaanvraag ingediend bij de NMa. In haar zienswijze had de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) ook geadviseerd dat de NMa de fusie nader zou moeten onderzoeken.

Eureko is onderdeel van Zorgverzekeraar Achmea (“Achmea”). Achmea is de grootste zorgverzekeraar op de Nederlandse markt met een marktaandeel van 29% op basis van het aantal verzekerden. De Friesland is in Nederland de vijfde zorgverzekeraar. Op provinciaal niveau is ze de grootste in de provincie Friesland.

Op grond van artikel 9 van het Samenwerkingsprotocol tussen de NMa en de NZa heeft de NZa een zienswijze over deze melding van een fusie gegeven. In de zienswijze beziet de NZa of de voorgenomen fusie negatieve gevolgen kan hebben op de publieke belangen betaalbaarheid, toegankelijkheid en kwaliteit. De NZa is van mening dat de voorgenomen fusie met zich meebrengt dat partijen de inkoopmacht op de zorgmarkt kunnen vergroten. In beginsel hoeft dit geen probleem te zijn en kan dit zelfs werken in het belang van de kwaliteit, toegankelijkheid en betaalbaarheid van de zorg. Het is daarbij wel noodzakelijk dat de concurrentie op de zorgverzekeringsmarkt voldoende is zodat de inkoopvoordelen worden doorgegeven aan de consument. De voorgenomen fusie van de grootste zorgverzekeraar in de provincie Friesland met de op één na grootste zorgverzekeraar kan tot gevolg hebben dat er onvoldoende concurrentie overblijft op de zorgverzekeringsmarkt in Friesland. Het gezamenlijk marktaandeel in Friesland zal 70-80% zijn.

Zorgaanbieders in Friesland zullen sterk afhankelijk zijn van deze spelers waardoor partijen in staat zullen zijn aanzienlijk gunstigere prijzen of voorwaarden uit te onderhandelen dan andere zorgverzekeraars. Dit kan ervoor zorgen dat verzekerden de polissen van andere aanbieders niet meer als alternatief zien en partijen hiermee nog meer groeien. De NZa onderscheidt de volgende situaties die als gevolg hiervan kunnen ontstaan:

  • de prijs van de zorgverzekering van partijen wordt verhoogd zonder dat hier een hogere kwaliteit tegenover staat;
  • met de zorgaanbieders wordt afgesproken lagere kwaliteit te leveren (langere wachttijden, minder service) aan verzekerden van partijen in ruil voor een lagere prijs;
  • partijen zetten in op scherpe prijsonderhandelingen met zorgaanbieders. Omdat zorgaanbieders niet om partijen heen kunnen is het mogelijk dat zij zich genoodzaakt voelen om de kwaliteit van zorg voor iedereen te verschralen.

In alle van bovengenoemde situaties hoeven partijen de inkoopvoordelen die zij behalen niet in zijn geheel door te geven aan consumenten omdat zij geen concurrentiedruk ondervinden van andere zorgaanbieders. De NZa is van mening dat zij zonder nader onderzoek niet in kan schatten of de bovengenoemde situaties zich voor zullen doen. Om deze reden heeft de NZa de NMa geadviseerd dat voor de fusie een vergunning vereist is. De NMa heeft dit advies gevolgd en besloten dat partijen een vergunning dienen aan te vragen. Partijen hebben hiertoe een verzoek ingediend.