Diefstal door werknemer. Verzachtende omstandigheden

zaterdag, 19 mei 2007

Een werknemer met een dienstverband van ruim 27 jaar is laatstelijk werkzaam in de functie van verkoopmedewerker. In de periode september 2006 tot en met januari 2007 heeft hij viermaal een geldbedrag uit de kluis weggenomen, in totaal € 200. De werkgever meent hem op goede gronden op staande voet te kunnen ontslaan. De kortgedingrechter in Haarlem denkt daar anders over.

Van belang is daarbij het volgende. De werknemer is in het verleden tweemaal het slachtoffer geworden van een roofoverval tijdens werktijd. De laatste keer kreeg hij een pistool tegen het hoofd gedrukt. Ook in de privé-sfeer waren er problemen. Tijdens de in het geding zijnde periode was de werknemer onder psychische behandeling.

De werknemer vordert doorbetaling van loon vanaf de datum van het ontslag op staande voet tot aan het moment dat de arbeidsovereenkomst rechtsgeldig is geëindigd. 

De kortgedingrechter te Haarlem, de van TV bekende ‘rijdende rechter’ Frank Visser, overweegt dat diefstal of verduistering van geld uit een kluis van de werkgever normaal gesproken een dringende reden oplevert voor ontslag op staande voet. Hij verwijst bovendien naar de Hoge Raad, die in 1989 – kort gezegd - heeft geoordeeld dat van een rechtsgeldig ontslag op staande voet ook sprake kán zijn als de werknemer van zijn gedraging geen verwijt kan worden gemaakt.

De kortgedingrechter ziet echter in de omstandigheden van het geval aanleiding om de loonvordering van de werknemer – bij voorlopige voorziening - toe te wijzen. Enerzijds stelt de kantonrechter vast dat de werknemer werkzaam is in een vertrouwensfunctie. Anderzijds wijst hij op de zeer lange en onbesproken staat van dienst van de werknemer en het feit dat zijn psychiatrische stoornis en de problemen in de privé-sfeer naar alle waarschijnlijkheid niet los kunnen worden gezien van de genoemde twee roofovervallen tijdens werktijd. De kortgedingrechter overweegt dat er ernstig rekening mee moet worden gehouden dat de rechter in een bodemprocedure zal oordelen dat het ontslag op staande voet niet had mogen worden gegeven.

Voorzichtigheid is dus geboden bij het geven van een ontslag op staande voet. Er kan sprake zijn van bijzondere (persoonlijke) omstandigheden, die in het voordeel van de werknemer (kunnen) pleiten. Het is verstandig om bij een voorgenomen ontslag op staande voet altijd voorafgaand juridisch advies in te winnen, om een hoogoplopende loonvordering en een voorwaardelijke ontslagprocedure te voorkomen.

Auteur