AG Wahl bekritiseert Europees mededingingsrecht in New York

woensdag, 2 oktober 2013

Het Hof van Justitie van de EU wordt bijgestaan door advocaten-generaal (“AG”). De belangrijkste taak van de AG, is vooraf advies geven aan de Europese rechters die een zaak inhoudelijk moeten beoordelen. Soms wijken de rechters af van dit advies; vaak wordt het gevolgd. De AG is daarmee een invloedrijke stem in de Europese rechtsontwikkeling. Vandaar dat het interessant is, te volgen welke opvatting deze AGs hebben over de richting waarin het Europese mededingingsrecht zich ontwikkelt.

 

AG Wahl is één van de AGs bij het Hof van Justitie van de EU. Hij behandelt in die hoedanigheid vele mededingingszaken. Afgelopen week sprak hij in New York over de rechtsontwikkeling in het Europese mededingingsrecht, en bekritiseerde daarbij enkele ‘verbeterpunten’. Wij signaleren de twee meest saillante opmerkingen.

Aansprakelijkheid voor dochtermaatschappijen

Indien een dochtermaatschappij een kartelinbreuk heeft begaan, kan de moedermaatschappij naar Europees mededingingsrecht onder omstandigheden hoofdelijk aansprakelijk worden gehouden voor een eventuele kartelboete. Daarvoor is vereist, kort samengevat, dat de moeder controle kan uitoefenen over de dochter. Die omstandigheden werden in de Europese rechtspraak steeds ruimhartiger uitgelegd. Vorige week bleek dat zelfs voor zuivere joint-ventures hoofdelijke aansprakelijkheid kan ontstaan.

Deze hoofdelijke aansprakelijkheid, die uiteindelijk vaak in hogere kartelboetes resulteert, wordt juridisch geconstrueerd als een ‘vermoeden’ dat ontstaat wanneer aan bepaalde criteria is voldaan. Vervolgens is het aan de moedermaatschappij om dit ‘vermoeden’ te weerleggen. Dat blijkt in de praktijk, gezien de eisen die aan weerlegging worden gesteld, inmiddels vrijwel onmogelijk.

AG Wahl wil nu dat de Europse rechter een knoop doorhakt: “My interpretation is the presumption that we have is not a presumption, and it should not be called a presumption. It should be called a legal rule, no matter what the court would like to say“. Het moge duidelijk zijn dat als de opvatting van de AG resoneert bij de Europese rechter, kartellisten het naar onze mening nog moeilijker krijgen een verdediging te voeren. Immers in feite wordt hen dan de kans ontnomen, aan hoofdelijke aansprakelijkheid voor dochtermaatschappijen te ontkomen (risico-aansprakelijkheid).

Doorlopende kartelinbreuk

Niet elk kartel start en eindigt met dezelfde kartellisten. Soms haken partijen aan (en af) voor een bepaalde tijd. Dat kan problemen opleveren bij de vaststelling, welke kartellist welke inbreuk heeft begaan, en hoe lang. De toezichthouder heeft echter een oplossing: het concept van de ‘doorlopende kartelinbreuk’. Kort samengevat kunnen alle kartellisten aangesproken worden voor de gehele doorlopende kartelinbreuk.

AG Wahl stelt zich de vraag, wat er gebeurt als vast komt te staan, dat een kartellist niet de gehele doorlopende kartelinbreuk deel uitmaakte van het kartel. Moet dan de gehele boetebeschikking van tafel? Of moet de rechter die gaan opknippen? AG Wahl signaleert dat verschillende kamers van het Hof van Justitie dit jaar verschillend over deze kwestie lijken te denken (uitspraak 1 en uitspraak 2). Ook op dit punt zal de Europese rechter op korte termijn een knoop moeten doorhakken, aldus AG Wahl.