Zorgplicht werkgever bij wijziging pensioenregeling

maandag, 29 februari 2016

Op 16 februari 2016 heeft het gerechtshof in Den Haag een belangrijk arrest gewezen over de wijziging van een pensioenregeling. Het hof geeft in dit arrest aan wat van een goed werkgever mag worden verwacht bij een dergelijke ingrijpende arbeidsvoorwaardenwijziging, te weten: 

a. voldoende informatie verstrekken aan de werknemer; 

b. al datgene doen wat redelijkerwijs kan worden verwacht om te voorkomen dat de werknemer onder invloed van een onjuiste voorstelling van zaken instemt met een wijziging van de pensioenregeling;

c. onder omstandigheden waarschuwen voor risico’s die aan de wijziging zijn verbonden. 

Hoe ver deze zorgplicht van de werkgever in een concreet geval strekt, hangt af van de omstandigheden van het geval, aldus het hof. Wat speelde in deze zaak? 

Feiten

In 1999 stelt de werkgever in kwestie voor een gematigde eindloonregeling te wijzigen in een beschikbare premieregeling. De eindloonregeling betreft een levenslang gegarandeerd ouderdomspensioen, terwijl de hoogte van het ouderdomspensioen bij de beschikbare premieregeling afhangt van het beschikbare kapitaal en de marktomstandigheden op het moment van pensionering. De reden van de werkgever om tot deze wijziging over te gaan, is de onbetaalbaarheid van de eindloonregeling op termijn. De werkgever heeft een pensioenadviseur ingeschakeld om de werknemers te informeren, waarna de werknemers instemmen met de voorgestelde wijziging. Daarnaast stemmen zij in met een overdracht van het onder de eindloonregeling opgebouwde pensioenkapitaal naar de nieuwe beschikbare premieregeling (waardeoverdracht). 

In 2009 en 2010 stellen drie werknemers, assistent-accountants ten tijde van de wijziging, de werkgever aansprakelijk voor de door hen geleden schade als gevolg van de wijziging van de pensioenregeling. Aan hun schadevorderingen leggen de werknemers ten grondslag het tekortschieten van de werkgever in de nakoming van haar verplichtingen uit hoofde van goed werkgeverschap dan wel onrechtmatig handelen. Zo zou er onjuiste en onvoldoende informatie zijn verstrekt over de gevolgen van vervanging van de eindloonregeling door de beschikbare premieregeling, met name als het gaat om de risico’s en kosten. Daarnaast zouden voorbeeldberekeningen te optimistisch zijn weergegeven en zou het de werknemers niet duidelijk zijn geweest dat door de waardeoverdracht het gehele pensioenvermogen kwam bloot te staan aan bijvoorbeeld langleven- en beleggingsrisico’s. 

Oordeel gerechtshof

In hoger beroep oordeelt het hof dat de werkgever in kwestie in voldoende mate aan haar zorgplicht heeft voldaan als het gaat om het informeren over de wijziging van de pensioenregeling. De werkgever was volgens het hof niet gehouden tot het verstrekken van meer of andere inlichtingen over de nieuwe pensioenregeling dan zij (al dan niet via haar pensioenadviseur) heeft gedaan. 

Pensioengerelateerde kennis en ervaring van werknemers → verminderde zorgplicht

Het hof hecht daarbij waarde aan het feit dat de werknemers weliswaar geen specifieke pensioenkennis hadden, maar uit hoofde van hun functie – assistent-accountant – te maken hebben gehad met pensioengerelateerde kwesties. Daarom mocht de werkgever hen genoegzaam bekend veronderstellen met de bestaande risico’s dan wel mocht de werkgever hen in staat achten zelf door te vragen en/of onderzoek te doen naar de aard van de voorgestelde pensioenregeling. 

Impact van de wijziging → verhoogde zorgplicht

Ten aanzien van de waardeoverdracht oordeelt het hof echter dat van een goed werkgever gevergd kan worden de betreffende werknemers ervoor te waarschuwen dat hiermee een (te) groot risico werd genomen. Het gaat immers om reeds gedurende vele jaren opgebouwde, gegarandeerde pensioenaanspraken, waarvan de hoogte na de waardeoverdracht afhankelijk is geworden van diverse onzekere factoren, zoals behaald beleggingsresultaat, langlevenrisico en de rekenrente op datum van pensionering. Door ook dit opgebouwde, gegarandeerde pensioen in de nieuwe regeling onder te brengen, zetten de werknemers hun volledige pensioen op het spel, niet alleen hun toekomstige pensioenopbouw. Ook al moesten de werknemers geacht worden dit te hebben begrepen en geweten, toch gold voor de werkgever de plicht haar werknemers te beschermen tegen eventuele lichtvaardigheid en ondoordachtheid door hem erop te wijzen dat hiermee ten aanzien van zijn pensioen elke beperking van risico zou worden verlaten. Daarbij speelt mee dat de reden voor de werkgever om af te willen stappen van de eindloonregeling (onbetaalbaarheid daarvan op termijn) niet, althans in mindere mate opging voor de waarde-inbreng van het reeds opgebouwde pensioen. Ook acht het hof van belang dat de gehanteerde voorbeeldberekeningen geen juist beeld gaven van het verschil tussen wel of geen waardeoverdracht. Het hof veroordeelt de werkgever tot vergoeding van de geleden schade als gevolg van de schending van het goed werkgeverschap, op te maken bij staat. 

Aansprakelijkheid pensioenadviseur

De werkgever in kwestie heeft zijn pensioenadviseur in vrijwaring opgeroepen. Het hof stelt voorop dat van een redelijk handelend en redelijk bekwaam pensioenadviseur mag worden verwacht dat deze de werknemers in een geval als dit niet alleen voldoende en juiste informatie geeft, maar hen onder omstandigheden ook waarschuwt voor aan de overgang verbonden risico’s. Het hof is van oordeel dat de pensioenadviseur dit in de gegeven omstandigheden in onvoldoende mate heeft gedaan. De pensioenadviseur wordt daarom door het hof verantwoordelijk gehouden voor de onjuiste en onvolledige informatie inzake de waardeoverdracht. 

Conclusie

Deze uitspraak is van grote betekenis voor de pensioenrechtpraktijk. Hiermee wordt weer eens bevestigd dat werkgevers werknemers zorgvuldig dienen te informeren over de gevolgen van de wijzigingen van pensioen. Hoe ver deze zorgplicht reikt, hangt mede af van de kennis en ervaring van werknemers op pensioengebied en van de mogelijke impact van de wijziging. 

Heeft u vragen naar aanleiding van dit artikel of heeft u andere pensioenrechtelijke vragen, neemt u dan gerust vrijblijvend contact op met de leden van de praktijkgroep Pensioenrecht