Wijzigingen Sociale Zekerheid

donderdag, 1 januari 2004

Een greep uit de nieuwe en/of gewijzigde sociale zekerheidswetten Onlangs zijn er een groot aantal zaken veranderd waarmee werkgevers en werknemers te maken kunnen krijgen. De belangrijkste wijzigingen willen wij u niet onthouden. 

Premievrijstelling werkgevers

Met ingang van 1 januari 2004 hoeven werkgevers de basispremie WAO niet meer te betalen voor werknemers van 55 jaar en ouder. Deze premie vervalt ook als de werkgever werknemers van 50 jaar en ouder in dienst neemt.

Afschaffing van de vervolguitkering

De werknemer had bij voortdurende werkloosheid recht op een vervolguitkering ter hoogte van maximaal 70% van het wettelijke minimumloon. De duur van de vervolguitkering was 2 jaar. Voor werknemers van 57,5 jaar of ouder was de duur van de vervolguitkering maximaal 3,5 jaar. De vervolguitkering is afgeschaft. Iedere werknemer die na 11 augustus 2003 werkloos is geworden heeft geen recht meer op een vervolguitkering. Er is echter een overgangsregeling die bepaalt dat werknemers die het ontslag reeds voor 11 augustus 2003 aangezegd hebben gekregen nog wel recht hebben op een vervolguitkering.

Sollicitatieplicht werklozen 57,5 jaar en ouder.

Oudere werknemers van 57,5 jaar en ouder die vanaf 1 januari 2004 werkloos zijn geworden, zijn vanaf deze datum verplicht te solliciteren. Mensen ouder dan 57,5 jaar die vóór 1 januari 2004 al een WW-uitkering ontvingen, zijn vrijgesteld van deze verplichting, tenzij zij korter dan één jaar werkloos zijn. De sollicitatieplicht geldt ook niet voor mensen die voor 1 januari 2004 werkloos zijn geworden en die op 1 mei 1999 57,5 jaar of ouder waren.

Wettelijke loondoorbetaling voor werkgevers gedurende het tweede ziektejaar.

Met ingang van 1 januari 2004 is de wettelijke loondoorbetaling verplichting voor werkgevers gedurende het tweede ziektejaar ingevoerd. Vóór genoemde datum hadden zieke werknemers gedurende één jaar ziekte recht op doorbetaling van 70% van hun laatstverdiende loon met als maximum het maximum dagloon (art. 7:629 BW). Doorgaans was in CAO’s geregeld dat dit loon werd aangevuld tot 100%. Per 1 januari 2004 moeten werkgevers dus twee jaar lang loon doorbetalen aan zieke werknemers voordat deze (eventueel) in aanmerking komen voor een WAO-uitkering. Het is volgens de wetgever echter niet de bedoeling dat de sociale partners afspraken maken om gedurende het tweede jaar het loon bovenwettelijk (dus meer dan 70%) aan te vullen.

Premiedifferentiatie WAO

Reeds met ingang van 1 januari 2003 is de gedifferentieerde WAO-premie voor iedere kleine werkgever afzonderlijk, afgeschaft. In aansluiting hierop worden met ingang van 1 januari 2004 de WAO-lasten door de kleine werkgevers per branche gezamenlijk gedragen. Komen in een branche veel werknemers in de WAO, dan betalen de kleine werkgevers (met een premieplichtig loon van minder dan EUR 625.000,-) een hogere WAO-premie dan in branches met een lagere uitstroom naar de WAO. De branches krijgen dus veel meer financieel belang bij het voorkomen van arbeidsongeschiktheid en het weer aan de slag helpen van arbeidsongeschikte werknemers. Voor de grote werkgevers blijft de wet PEMBA van kracht.

Auteur