Wetsvoorstel inzake winstuitkeringen door zorgaanbieders

maandag, 25 juni 2012

In juni 2010 is het wetsvoorstel Wet cliëntenrechten zorg (Wcz) naar de Tweede Kamer gestuurd. Dit wetsvoorstel bevat (onder meer) bepalingen die gelden voor “zorgaanbieders” met betrekking tot de organisatie van de zorg, goed bestuur en maatschappelijke verantwoording. In februari 2012 heeft de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) een aanvullend wetsvoorstel ingediend ten aanzien van de Wcz, op grond waarvan het mogelijk wordt gemaakt dat aanbieders van medisch-specialistische zorg onder bepaalde voorwaarden winst kunnen uitkeren aan hun leden of aandeelhouders.

Voornoemde wetsvoorstellen brengen - wanneer deze in huidige vorm worden ingevoerd - een aanzienlijke wijziging teweeg in de regels die gelden ten aanzien van financiering van zorgaanbieders en de rol die private investeerders daarin zouden kunnen spelen. In dit artikel zullen wij met name stilstaan bij het tweede wetsvoorstel.

Op grond van huidige regels hebben zorginstellingen (in de Wcz wordt de eerder genoemde term zorgaanbieders gebruikt) een zogenaamde “toelating” nodig van de minister van VWS krachtens artikel 5 lid 1 van de Wet toelating zorginstellingen (Wtzi) om zorg te mogen verlenen in de zin van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ) of de Zorgverzekeringswet (Zvw). Een zorginstelling met winstoogmerk krijgt deze toelating in beginsel uitsluitend indien de instelling behoort tot een bij algemene maatregel van bestuur aangewezen categorie. Deze categorie is beperkt, waardoor winstuitkeringen in de regel niet of nauwelijks mogelijk zijn. Zorginstellingen zijn thans voor wat betreft hun financiering dan ook deels afhankelijk van het aantrekken van vreemd vermogen (bijvoorbeeld in de vorm van leningen). Voor private investeerders zijn zorginstellingen, gezien voornoemd winstuitkeringverbod, tot op heden niet erg interessant.

Als gevolg van invoering van de Wcz wordt het voornoemde “toelatingssysteem” verlaten en wordt de mogelijkheid tot het doen van winstuitkeringen door zorginstellingen verruimd. Echter niet alle zorgaanbieders zullen op grond van voornoemd wetsvoorstel winstuitkeringen mogen doen. Zo ziet het wetsvoorstel uitsluitend op coöperaties en kapitaalvennootschappen (BV’s en NV’s). Stichtingen en verenigingen zullen dus per definitie geen winstuitkeringen mogen doen (hetgeen ook op grond van huidig recht niet mogelijk is). Op grond van artikel 41b Wcz blijft het winstuitkeringverbod gelden voor zorgaanbieders die op grond van de AWBZ verzekerde intramurale zorg verlenen. Onder intramurele zorg  wordt grof gezegd verstaan zorg die verblijf in een accommodatie gedurende het etmaal met zich brengt. Bij AWBZ-zorg kan bijvoorbeeld worden gedacht aan zorg die wordt verleend door verzorgingshuizen, verpleeghuizen, of instellingen voor gehandicapten. Daarnaast blijft het winstuitkeringverbod ook van kracht voor academische ziekenhuizen.

Klik hier om het gehele artikel te lezen.