Mijn afnemer betaalt mijn facturen niet op tijd. Mag ik 15% van de factuurwaarde als incassokosten in rekening brengen bovenop deze factuur?

maandag, 3 november 2014

Op grond van artikel 6:96 lid 2 onder c BW mag een schuldeiser incassokosten (ook wel ‘buitengerechtelijke kosten’ genoemd) in rekening brengen bij een schuldenaar die zijn facturen niet, niet tijdig of niet volledig betaalt. Daarbij mag de schuldeiser een vergoeding vragen voor redelijke kosten voor redelijke werkzaamheden om de vordering zonder tussenkomst van een rechter te innen.

In het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten (ook wel ‘BIK’ genoemd) zijn nadere regels gesteld ten aanzien van de hoogte van de buitengerechtelijke kosten:

Factuurbedrag (zonder rente)                                               Incassokosten in
                                                                                                           percentages van de hoofdsom

Over de eerste EUR 2.500,=                                                        15%

Over de volgende EUR 2.500,=                                                  10%

Over de volgende EUR 5.000,=                                                  5%

Over de volgende EUR 190.000,=                                             1%

Over het meerdere van de hoofdsom                                      0,5% met een maximum van EUR 6.775,=.

 

Bij een handelsovereenkomst (“de overeenkomst om baat die een of meer van de partijen verplicht iets te geven of te doen en die tot stand is gekomen tussen een of meer natuurlijke personen die handelen in de uitoefening van een beroep of bedrijf of rechtspersonen”) bedragen de incassokosten minimaal EUR 40,= (artikel 6:96 lid 4 BW en artikel 2 lid 2 BIK). De schuldenaar is dit minimumbedrag verschuldigd vanaf de dag na de dag waarop de wettelijke of overeengekomen betalingstermijn is verstreken. De schuldeiser hoeft hiervoor geen aanmaning te sturen (artikel 6:96 lid 4 BW).

Partijen mogen afwijken van bovenstaande regeling, maar:

  • bij een schuldenaar-consument (‘een natuurlijke persoon die niet handelt in de uitoefening van zijn beroep of bedrijf’) mag niet worden afgeweken ten nadele van de consument (dus wel in zijn voordeel); en
  • bij andere schuldenaren (professionele partijen) mag niet worden afgeweken ten nadele van de schuldeiser, maar wel ten nadele van de schuldenaar.

Is de afnemer (schuldenaar) een consument, dan mogen partijen geen afwijkende afspraken maken en 15% van de factuurwaarde in rekening brengen. Is de afnemer (schuldenaar) geen consument maar een professionele partij, dan staat het partijen vrij om in de overeenkomst of de algemene voorwaarden (afwijkende) afspraken te maken over de hoogte van de incassokosten en een vast percentage van (bijvoorbeeld) 15% af te spreken. Een percentage van 15% is altijd geoorloofd indien de vordering niet hoger is dan EUR 2.500,=.

Vloeit de factuur voort uit een handelsovereenkomst (en is de schuldenaar dus geen consument) en zijn partijen een afwijkende vergoeding voor de buitengerechtelijke kosten overeengekomen, of indien de vordering niet meer bedraagt dan EUR 2.500,=, dan luidt het antwoord op de vraag: ja, u mag 15% van de factuurwaarde als incassokosten in rekening brengen bovenop de openstaande factuur.