Persoonlijke aansprakelijkheid bestuurder na treffen schikking

maandag, 1 januari 2001

In deze zaak heeft eiseres het bedrijf Cargorent B.V., waarvan gedaagde enig statutair bestuurder was, juridische bijstand verleend. Van december 2006 tot juni 2007 heeft eiseres gedaagde hier verschillende facturen voor gestuurd, welke onbetaald zijn gebleven. Na aanmaning van gedaagde heeft eiseres gedaagde gedagvaard. Bij vonnis van september 2007 heeft de rechtbank gedaagde bij verstek veroordeeld de gevorderde bedragen aan eiseres te voldoen. Gedaagde heeft hierop namens Cargorent B.V. voorgesteld om een bedrag bij wijze van regeling in der minne te voldoen. Op 12 maart 2008 is na onderhandeling tussen partijen een regeling in der minne bereikt. Op 18 maart 2008 is echter het faillissement van Cargorent B.V. uitgesproken, terwijl de schikking op die datum nog niet was voldaan aan eiseres.

Eiseres heeft primair gevorderd gedaagde te veroordelen tot betaling van de facturen. Zij legt aan haar vordering ten grondslag dat gedaagde in naam van Cargorent B.V. verplichtingen is aangegaan, terwijl hij wist of redelijkerwijs behoorde te begrijpen dat Cargorent B.V. niet aan haar verplichtingen zou kunnen voldoen. De rechter heeft jegens deze primaire vordering geoordeeld dat vaststaat dat gedaagde in de periode van de verleende diensten aan gedaagde enig statutair bestuurder was. Op grond van vaste rechtspraak van de Hoge Raad kan een bestuurder van een vennootschap ook aansprakelijk zijn voor verplichtingen die hij aangaat wanneer hij weet of redelijkerwijs behoort te begrijpen dat de vennootschap de verplichtingen niet zal kunnen nakomen en geen verhaal zal bieden voor ten gevolge van de wanprestatie te lijden schade. Eiseres heeft haar vorderingen ook op deze grondslag gebaseerd.

De rechtbank wijst de primaire vordering van eiseres, tot betaling van de aan gedaagde verzonden facturen, af. De rechtbank is van oordeel dat eiseres haar primaire vordering onvoldoende heeft onderbouwd met feiten, waaruit zou blijken dat gedaagde al bij het verstrekken van de opdracht wist of redelijkerwijs behoorde te begrijpen dat Cargorent B.V. de facturen van eiseres niet zou kunnen voldoen. Gedaagde heeft in 2006 echter nog gewoon de rekeningen betaald en had nog opdrachten lopen. Ook speelt mee dat Cargorent B.V. pas in begin 2008 haar activiteiten heeft gestaakt.

De subsidiaire vordering van eiseres, vergoeding van de schade ontstaan door het niet betalen van de overeengekomen schikking, wordt door de rechtbank wel toegewezen. Eiseres stelt dat gedaagde onrechtmatig heeft gehandeld, omdat hij ten tijde van het overeenkomen van de schikking op 12 maart 2008 wist of behoorde te weten dat Cargorent B.V. de schikking niet zou kunnen nakomen. Gedaagde heeft ter comparitie verklaard dat hij ten tijde van het overeenkomen van de schikking afwist van de faillissementsaanvraag. Tevens was gedaagde ervan op de hoogte dat Cargorent B.V. vanaf begin 2008 haar activiteiten heeft gestaakt. De geleden schade van eiseres bestaat uit de niet nakoming van de getroffen schikking, welke door de rechtbank is toegewezen.