Ontslag op staande voet wegens seksuele intimidatie

maandag, 1 januari 2001

Werkgever heeft werknemer op 24 december 2009 op staande voet ontslagen. De aanleiding hiervoor was seksuele intimidatie van een aantal vrouwelijke medewerkers. Ten tijde van het ontslag op staande voet was werknemer 20 jaar in dienst. Op zijn functioneren is nimmer kritiek geweest. Werkgever heeft een verzoek tot voorwaardelijke ontbinding van de arbeidsovereenkomst gedaan, voor het geval zou komen vast te staan dat de arbeidsovereenkomst niet door het ontslag op staande voet zou zijn geëindigd.

De feiten

Bedrijfsrecherche Nederland B.V. heeft in haar rapport verklaringen van een drietal (voormalig) medewerksters van werkgever verwerkt. Hierin laten medewerksters zich uit over handelingen van werknemer, bestaande uit o.a. het proberen een kus te krijgen.

Werkgever is van mening dat gedragingen van werknemer een dringende reden opleveren en subsidiair een verandering in de omstandigheden het noodzakelijk maakt dat de arbeidsovereenkomst billijkheidshalve dadelijk of na korte tijd dient te eindigen. Werkgever heeft aangevoerd werknemer niet meer te kunnen vertrouwen.

Werknemer heeft de beschuldigingen van werkgever ontkend. Tevens overlegt werknemer een ingetrokken verklaring van ??n van de klaagsters.

Oordeel kantonrechter

De kantonrechter is van mening dat het onderzoek van de Bedrijfsrecherche Nederland betrekkelijk beperkt is geweest. Gegeven dit beperkte onderzoek, de ontkenning van werknemer en de intrekking van één van de verklaringen, is de kantonrechter van oordeel dat onvoldoende komt vast te staan welke gedragingen aan werknemer kunnen worden verweten. Dit brengt met zich mee dat de kantonrechter het verzoek van werkgever de arbeidsovereenkomst voorwaardelijk te ontbinden, afwijst.

www.rechtspraak.nl, LJN BN3567

 

Auteur