Nieuw samenwerkingsprotocol ACM & NZa

vrijdag, 16 januari 2015

De Autoriteit Consument & Markt (“ACM”) en de Nederlandse Zorgautoriteit (“NZa”) hebben afgelopen week een nieuw samenwerkingsprotocol gepubliceerd. Het huidige protocol vervangt het protocol uit 2010 en regelt de samenwerking en de samenloop van bevoegdheden tussen beide autoriteiten.

Het protocol regelt met name het geven van zienswijzen door de ene autoriteit met betrekking tot zaken die in behandeling zijn bij de andere autoriteit. Indien door de ontvangende autoriteit van deze zienswijze wordt afgeweken in een specifiek besluit, moet dat worden gemotiveerd.

In het kader van de mededinging en de bescherming van consumentenbelangen in de gezondheidszorg hebben de ACM en de NZa overlappende bevoegdheden. ACM heeft toezicht op alle markten, waaronder ook de zorgmarkten, en de NZa is belast met sectorspecifiek toezicht op de zorg. De ACM ziet toe op de naleving van het kartelverbod en kan ook optreden als een zorggroep een economische machtspositie heeft en daarvan misbruik maakt. Er is dan sprake van toezicht achteraf, waarbij ACM sancties op kan leggen voor overtredingen. De ACM houdt alleen vooraf toezicht op de vorming van (grote) concentraties, die bij haar gemeld moeten worden.

De NZa daarentegen treedt als eerste op in gevallen van aanmerkelijke marktmacht van een zorggroep die mogelijk de publieke belangen kan schaden door uitbuiting of uitsluiting. De NZa houdt vooraf toezicht en treedt regulerend op. Zij kan nadere regels stellen aan zorggroepen die alleen of gezamenlijk de ontwikkeling van daadwerkelijke concurrentie op de Nederlandse markt of een deel daarvan kunnen belemmeren (en dus aanmerkelijke marktmacht bezitten).

Om taken op een efficiënte manier te uit te voeren, zijn er afspraken gemaakt over het verdelen van zaken en zullen beide autoriteiten onderling informatie uitwisselen en zaken naar elkaar doorverwijzen als stukken bij de verkeerde autoriteit zijn ingediend. Hoofdregel is dat de NZa eerst haar bevoegdheden uitoefent, voordat de ACM bij een zaak betrokken wordt.

Ten opzichte van het eerdere protocol is het nieuwe protocol uitgebreider en regelt het ook de samenwerking op het gebied van consumentenbescherming in de zorg. Dit is het gevolg van het samengaan van de Consumentenautoriteit met de Onafhankelijke Post en Telecommunicatie Autoriteit en de Nederlandse Mededingingsautoriteit in de ACM in april 2013.

Wat verder opvalt aan het nieuwe samenwerkingsprotocol is dat het geen bepalingen meer bevat omtrent de interpretatie van mededingingsbegrippen. Dit is mogelijk omdat al in de Wet marktordening gezondheidszorg is opgenomen dat de NZa zich richt naar de uitleg van begrippen die de ACM hanteert in het kader van de toepassing van het mededingingsrecht. NZa kan de ACM wel op basis van het protocol verzoeken om uitleg van begrippen.

Ook zijn er nieuwe bepalingen opgenomen over de zorgspecifieke fusietoets die de NZa sinds 1 januari 2014 uitvoert bij concentraties in de zorg. Sommige concentraties in de zorg moeten sindsdien zowel bij de NZa als bij de ACM gemeld worden, waarbij de NZa zuiver procedureel toetst (inhoudend dat zij o.a. kijkt of partijen goed hebben nagedacht over de concentratie en belanghebbenden gehoord zijn voorafgaand aan de besluitvorming) en de ACM kijkt naar de mededingingsrechtelijke gevolgen van de voorgenomen concentratie. In het samenwerkingsprotocol is opgenomen dat partijen elkaar informeren over concentratiemeldingen en in overleg treden indien nodig.

Houdt dus in uw achterhoofd dat informatie die u deelt met de ACM mogelijk uitgewisseld wordt met de NZa en vice versa.