Loonsanctie en hoogte van het loon in het derde ziektejaar

donderdag, 28 maart 2013

Regelmatig wordt een werkgever geconfronteerd met een loonsanctie van het UWV. Het UWV verplicht de werkgever om na ommekomst van twee jaar ziekte, nog één jaar extra loon aan de zieke werknemer door te betalen omdat de werkgever onvoldoende re-integratie-inspanningen heeft verricht, althans naar het oordeel van het UWV. De vraag doet zich voor wat de hoogte van het loon is in het derde ziektejaar. Daarover kan tussen werkgever en werknemer een discussie ontstaan en daarover is dan ook al enkele malen geprocedeerd. Onlangs is opnieuw een uitspraak verschenen over dit onderwerp.

Casus

De werknemer is sinds september 2010 onafgebroken arbeidsongeschikt. In de toepasselijke cao is bepaald dat de werkgever bij arbeidsongeschiktheid gehouden is om gedurende zes maanden 100% van het loon door te betalen en gedurende de volgende 18 maanden 90% van het loon. In het kader van de Poortwachterstoets heeft het UWV geoordeeld dat de werkgever niet heeft voldaan aan zijn reïntegratieverplichtingen. Het UWV heeft daarom bepaald dat de werkgever nog een jaar het loon dient door te betalen aan de werknemer. Er volgt een procedure waarin werkgever en werknemer van mening verschillen over de omvang van deze loondoorbetalingsverplichting. De werknemer stelt zich op het standpunt dat uitgegaan dient te worden van het loon dat zijn werkgever aan het einde van het tweede ziektejaar betaalde, derhalve 90% van het loon. De werkgever daarentegen is van mening dat hij op basis van de wet (artikel 7:629 BW) slechts gehouden is om 70% van het loon door te betalen. 

De rechter komt tot het volgende oordeel.
De verplichting om na het verstrijken van de eerste twee ziektejaren het loon door te betalen vloeit voort uit de artikelen 25 lid 9 WIA en 7:629  lid 11 BW. In de arbeidsovereenkomst of in de toepasselijke cao is niet bepaald dat de werkgever tijdens de loonsanctieperiode aan de werknemer meer dient te betalen dan 70%.  

In de wet is evenmin bepaald dat een werkgever verplicht is om tijdens het derde ziektejaar dezelfde aanvulling op de wettelijke loondoorbetalingsverplichting te blijven betalen als tijdens het tweede ziektejaar. In de wet is bepaald dat de wettelijke doorbetalingsverplichting wordt verlengd en die verplichting bedraagt op grond van artikel 7:629 BW 70% van het salaris. Het moet er dan ook voor gehouden worden dat de artikelen 7:629 BW en 25 WIA de werkgever tot niet meer verplicht dan tot doorbetaling van 70%, aldus de rechter.

Deze uitspraak ligt in lijn met eerder gepubliceerde rechtspraak over dit onderwerp. 
Tenzij in de arbeidsovereenkomst en/of toepasselijke cao anders is bepaald, staat het de werkgever  dus vrij om tijdens een loonsanctieperiode de hoogte van het loon eventueel naar beneden bij te stellen naar 70% van het loon. De grondslag daarvoor ligt in de wet en de rechtspraak wijkt daarvan niet af. 

Auteur