HvJ EG: redelijkheid consumentenvoorwaarden ongevraagd toetsen

woensdag, 10 juni 2009

Het Europese Hof van Justitie bepaalde onlangs in de Pannon-zaak dat rechters in EU-lidstaten verplicht zijn om op eigen initiatief te onderzoeken of een bepaling uit een contract tussen leverancier en consument onbillijk is. 

Volgens de Europese Richtlijn inzake oneerlijke bedingen in consumentencontracten zijn onredelijk bezwarende bedingen niet bindend voor de consument. Deze consumentenbescherming houdt volgens het hof meer in dan de bevoegdheid van nationale rechters om zo'n beding onverbindend te verklaren als de consument een beroep doet op de bescherming. Rechters hebben een verplichting om de oneerlijkheid te toetsen, of de consument er nu een beroep op doet of niet.

In Nederland is sinds oktober 2008 de Wet oneerlijke handelspraktijken (wet OHP) van kracht. De Consumentenautoriteit houdt onder meer toezicht hierop en is met de uitvoering van deze wet belast. Onlangs oordeelde de Consumentenautoriteit dat een aantal ondernemingen actief in de elektronicabranche vaak ten onrechte aanbieden om garantie bij te kopen. De extra garantie geeft niet meer rechten dan mensen op grond van de wet toch al hebben. De Consumentenautoriteit overweegt om boetes op te leggen aan bedrijven die kopers hebben misleid.