Het recht op informatie: afdwingbaar door de individuele aandeelhouder?

woensdag, 3 juni 2009

1. Inleiding 

Het Nederlandse vennootschapsrecht kent sinds jaar en dag een (theoretisch) strikte scheiding tussen de verschillende “machten” in de kapitaalvennootschappen. Zo kent men het “dualistische systeem” voor wat betreft scheiding van enerzijds de bestuurders en anderzijds zij die toezicht houden op het bestuur (in de meeste gevallen de aandeelhouders). De wet verschaft de algemene vergadering van aandeelhouders een belangrijk instrument ter uitoefening van deze toezichthoudende taak: het recht op informatie (de artikelen 2:107 en 2:217 BW ten aanzien van respectievelijk de N.V. en de B.V.). In een recente uitspraak van de voorzieningenrechter van de rechtbank Leeuwarden komt de vraag aan de orde of ook individuele aandeelhouders zich met succes in rechte kunnen beroepen op een dergelijk recht op informatie.  

2. Voorkomende gevallen: dominante meerderheidsaandeelhouder(s)

Met name (maar niet alleen) in de situatie waarin de algemene vergadering van aandeelhouders van een N.V. of B.V. wordt gedomineerd door een machtige meerderheidsaandeelhouder komt het onderwerp van het “individuele recht op informatie”geregeld ter sprake. De machtige meerderheidsaandeelhouder domineert de algemene vergadering van aandeelhouders en heeft zodoende uit hoofde van bovengenoemde artikelen de mogelijkheid van het bestuur en/of de raad van commissarissen de door haar gewenste informatie te verlangen. Het bestuur dient hier in beginsel gehoor aan te geven. Maar wat nu indien de (individuele) (minderheids)aandeelhouder zich niet kan verenigen met het door het bestuur en/of de raad van commissarissen gevoerde beleid en daaromtrent graag de nodige informatie zou krijgen, doch de meerderheidsaandeelhouder verleent hiertoe geen medewerking?

Klik op onderstaande link om het gehele artikel te lezen. 

Download bijlage: Artikel_Het recht op informatie (PDF, 21 KB)