Het elektronisch ter beschikking stellen van algemene voorwaarden

dinsdag, 25 mei 2010

Als u algemene voorwaarden gebruikt, dient u uw klanten in de gelegenheid te stellen om van die voorwaarden kennis te nemen. Over het algemeen zult u dit moeten doen door de voorwaarden aan uw klant “ter hand te stellen”. Mede gelet op de digitalisering van het handelsverkeer, rijst de vraag op welke manieren u aan die verplichting kunt voldoen.

De wetgever wil het gebruik van elektronische communicatiemiddelen in het handelsverkeer stimuleren. Dit heeft geleid tot het wetsvoorstel tot wijziging van enige bepalingen van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering en het Burgerlijk Wetboek (31 358), dat nog (medio) dit jaar in werking zal treden. Het wetsvoorstel bevat onder meer een voor de handelspraktijk belangrijke wijziging. Het huidige artikel 6:234 BW, dat ziet op de mogelijkheid tot kennisneming van de algemene voorwaarden door de wederpartij, gaat ingrijpend gewijzigd worden. Met name de verandering van het derde lid van artikel 6:234 BW is interessant.

De voorgestelde wijziging houdt in dat het mogelijk zal worden om algemene voorwaarden elektronisch ter hand te stellen, ook als de overeenkomst langs een andere weg (bijvoorbeeld mondeling) tot stand is gekomen.

Om algemene voorwaarden elektronisch ter hand te kunnen stellen is toestemming nodig van de wederpartij. De wetgever spreekt zich niet specifiek uit over de vraag of deze instemming uitdrukkelijk dan wel stilzwijgend moet geschieden. Dit leidt er toe dat naar onze mening een stilzwijgende instemming vooralsnog volstaat. Dit betekent bijvoorbeeld dat de gebruiker van de algemene voorwaarden in een e-mail, waarin deze algemene voorwaarden ter hand worden gesteld, moet vermelden dat de ontvanger tegen een dergelijke terhandstelling binnen een bepaalde tijd bezwaar kan maken. Maakt de wederpartij van die mogelijkheid gebruik, dan dienen de algemene voorwaarden alsnog schriftelijk te worden toegezonden door de gebruiker.

Gezien de formulering die de wetgever kiest in zijn toelichting op het wetsvoorstel volgt hij de strenge leer ten aanzien van het ter hand stellen van algemene voorwaarden en het daarmee samenhangende schriftelijkheidsvereiste. Dit betekent voor de (handels)praktijk dat zorgvuldigheid geboden is wanneer algemene voorwaarden bij het tot stand komen van een overeenkomst ter hand worden gesteld. Pas wanneer het wetsvoorstel van kracht is kan de gebruiker erop vertrouwen dat hij zijn algemene voorwaarden elektronisch ter hand kan stellen aan zijn wederpartij wanneer de overeenkomst langs een andere weg tot stand is gekomen. Zoals eerder vermeld is daarbij wel vereist dat de wederpartij (al dan niet uitdrukkelijk) instemt met deze elektronische terhandstelling.