Geen aanbestedingsplicht voor CZ bij inkoop AWBZ zorg in opdracht van zorgverzekeraars

woensdag, 31 oktober 2012

Bij uitspraak van 17 oktober 2012 (LJN: BY0511) is door de rechtbank Breda geoordeeld dat CZ Zorgkantoor B.V. bij de inkoop van AWBZ zorg in opdracht en ten behoeve van zorgverzekeraars geen Europese aanbestedingsprocedure hoeft te volgen.

Achtergrond van het geschil

Het geschil heeft betrekking op de inkoopprocedure van CZ voor de selectie van zorgaanbieders voor de levering van gehandicaptenzorg. Zorgaanbieder Stichting Het Robertshuis wenste een zorgovereenkomst af te sluiten met CZ en heeft daartoe ingeschreven op de inkoopprocedure. Bij brief van 23 augustus 2012 heeft CZ aan het Het Robertshuis meegedeeld dat haar inschrijving op niet voldoet aan de voorwaarden om in aanmerking te komen voor een zorgovereenkomst. Volgens CZ voldoet de organisatie van Het Robertshuis niet aan de voorschriften die worden gesteld in de Zorgbrede Governancecode 2010, terwijl het voldoen aan die code uitdrukkelijk als eis is opgenomen in het Zorginkoopdocument 2013.

Aanbestedingsplicht voor CZ?

In kort geding is door Het Robertshuis onder meer aangevoerd dat CZ een aanbestedende dienst is en daarom een Europese aanbestedingsprocedure had moeten volgen. De voorzieningenrechter ziet dit anders. Hoewel CZ (mogelijk) een tot aanbesteding verplichte publiekrechtelijke instelling is, is zij in deze niet aanbestedingsplichtig. Reden hiervoor is dat CZ de selectie van zorgaanbieders uitvoert op basis van een civielrechtelijke volmacht van zorgverzekeraars. Deze zorgverzekeraars zijn privaatrechtelijke partijen die niet aanbestedingsplichtig zijn. Onder die omstandigheden blijven de Europese aanbestedingsvoorschriften volgens de voorzieningenrechter buiten beeld, ondanks het feit dat CZ (mogelijk) zelf wel een aanbestedende dienst is. CZ was dan ook bevoegd voor een inkoopprocedure in plaats van een aanbestedingsprocedure te kiezen.

Aanbestedingsrechtelijke beginselen

Hoewel geen sprake is van een aanbestedingsprocedure dient CZ volgens de voorzieningenrechter wel de algemene beginselen van aanbestedingsrecht in acht te nemen, waaronder met name het beginsel van gelijke behandeling en het transparantiebeginsel. In lijn met vaste jurisprudentie overweegt de voorzieningenrechter dat deze beginselen toepassing vinden, omdat de gevolgde inkoopprocedure in zijn vorm en uitwerking alle kenmerken van een openbare aanbestedingsprocedure heeft. Daarnaast constateert de rechter in een overweging ten overvloede dat CZ de algemene beginselen van aanbestedingsrecht in het Zorginkoopdocument 2013 uitdrukkelijk op de onderhavige inkoopprocedure van toepassing heeft verklaard.

Niet voldaan aan code

Volgens de voorzieningenrechter had het voor een behoorlijk geïnformeerde en normaal oplettende inschrijver duidelijk moeten zijn dat de organisatie van de zorgaanbieder moet voldoen aan alle aspecten van de Zorgbrede Governancecode 2010. Nu de organisatie van Het Robertshuis op een aantal punten aantoonbaar niet aan de code voldoet, was CZ verplicht om de inschrijving van Het Robertshuis terzijde te stellen. De voorzieningenrechter oordeelt met andere woorden dat CZ terecht en op juiste gronden heeft geweigerd een zorgovereenkomst met Het Robertshuis te sluiten en wijst de gevorderde voorzieningen af.

Meer weten? Neem vrijblijvend contact op met Martijn Jongmans.

Uitspraak 17 oktober 2012 LJN: BY0511