Europees kartel envelopmakers: EUR 19 miljoen boete

donderdag, 11 december 2014

De Europese Commissie publiceerde vandaag kartelboetes opgelegd aan Zweedse, Franse, Duitse en Spaanse envelopmakers. De vijf karteldeelnemers overtraden het Europese mededingingsrecht door onderling prijzen af te spreken en klanten te verdelen. Zij moeten nu in totaal EUR 19.485.000 boete betalen. Het boetebesluit is onder meer daarom zo interessant, omdat karteldeelnemers boetekorting kregen wegens hun coöperatieve houding tijdens het onderzoek, hun bereidwilligheid te schikken, en betalingsonmacht.

Het kartel ontstond eind 2003 en liep tot april 2008. Het doel was de prijzen voor bepaalde categorieën enveloppen kunstmatig te verhogen en klanten te verdelen, bijvoorbeeld door de inschrijvingen op aanbestedingen onderling te coördineren. Hiermee schakelde het kartel deels de vrije concurrentie uit. De afspraken werden geïmplementeerd op het hoogste managementniveau, dat in bilaterale en multilaterale settings bij elkaar kwam om te coördineren.

De Europese Commissie startte in 2010 uit eigen beweging met een kartelonderzoek. Dat begon met een dawn raid, een inval waarbij de toezichthouder onaangekondigd bij vermeende overtreders op de stoep staat. Indien u meer wilt weten over dawn raids, of zich wilt voorbereiden, sturen wij u graag kosteloos ons BANNING eBook Dawn Raids toe.

Eurocommissaris voor het mededingingsrecht Margrethe Vestager verklaarde naar aanleiding van het boetebesluit:

For over four years, instead of competing with each other these companies agreed to artificially increase prices for envelopes across a number of Member States. Everybody uses envelopes. When cartelists raise the prices of every day household objects they do so at the expense of millions of Europeans. The Commission's fight against cartels penalises such behaviour and also acts as a deterrent, protecting consumers from harm. On this case we have closed the envelope, sealed it and returned it to the sender with a clear message: don't cheat your customers, don't cartelise.

Berekening kartelboetes

De Europese Commissie heeft in deze zaak de hoogte van de kartelboetes gebaseerd op haar Richtsnoeren Berekening Geldboeten uit 2006, met dien verstande dat enkele karteldeelnemers zich met succes hebben beroepen op mogelijkheden tot boetevermindering:

  • De Mededeling Clementie uit 2006 biedt karteldeelnemers de mogelijkheid om immuniteit of boetevermindering te verkrijgen als zij - kort samengevat - informatie aandragen waardoor een kartel aan het licht komt. In deze zaak kregen Tompla (50%), Hamelin (25%), Mayer-Kuvert (10%) en GPV (10%) boetevermindering wegens goed meewerken aan het kartelonderzoek.
  • De Mededeling Schikkingsprocedure uit 2008 stelt karteldeelnemers een beloning in het vooruitzicht, als zij met de toezichthouder schikken en hun aansprakelijkheid erkennen voor de desbetreffende kartelinbreuk. In dit geval kregen alle vijf de karteldeelnemers 10% boetevermindering, omdat zij naar het oordeel van de Europese Commissie aan de voorwaarden voldeden.
  • De Richtsnoeren Berekening Geldboeten uit 2006 geven ten slotte (beperkt) de ruimte om te betogen dat een beboete onderneming niet in staat is te betalen. De Europese Commissie onderzoekt onder meer: jaarrekeningen, omzetverwachtingen, financiële ratio's, winstgevendheid, solventie, liquiditeit en rechtsbetrekkingen met derden en aandeelhouders.  In deze casus zijn twee partijen voor deze kritische toets geslaagd.

Commentaar

Dit kartelbesluit - het eerste onder de nieuwe Eurocommissaris - is het 17e geval waarin de Europese Commissie gebruik maakt van de schikkingsprocedure.

Schikken heeft bepaalde voordelen: de (publiekrechtelijke) handhaving verloopt relatief snel; er volgen geen jarenlange juridische procedures bij de Europese rechter; en de karteldeelnemers erkennen hun (privaatrechtelijke) aansprakelijkheid voor het kartel. Dit stelt kartelslachtoffers beter en sneller in staat hun schade op de beboete ondernemingen te verhalen.

De zaak toont aan dat zelfs wanneer diverse karteldeelnemers clementie vragen en cruciale informatie openbaren aan de toezichthouder, nadat die al een kartelonderzoek is begonnen, er nog steeds diverse bruikbare mogelijkheden zijn tot boetevermindering.

Dat de karteldeelnemers erin geslaagd zijn de Europese Commissie ervan te overtuigen dat zij geen hoge kartelboetes kunnen betalen is opmerkelijk, want uitzonderlijk. Het toont aan dat onder zeer uitzonderlijke omstandigheden, een beroep op betalingsonmacht niet bij voorbaat kansloos is.