Eén jaar Wabo; de stand van zaken

woensdag, 30 november 2011

De Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) is alweer een jaar van kracht. Sindsdien zijn de eerste ervaringen opgedaan met de uitvoering van deze langverwachte wet. Tim Segers en Peter Huijbregts hebben voor het gezaghebbende tijdschrift ‘De Gemeentestem’ een overzichtsartikel geschreven over alle relevante jurisprudentie op het gebied van de Wabo. Uitspraken staan vaak niet op zichzelf. Belangrijke lijnen worden pas inzichtelijk als een uitspraak wordt afgezet tegen andere jurisprudentie. Op deze manier kunnen vernieuwingen of wijzigingen worden waargenomen. In 365 dagen na de inwerkingtreding van de Wabo zijn ook exact 365 uitspraken gepubliceerd waar de Wabo in meer of mindere mate een rol speelde. Al deze uitspraken zijn door ons beoordeeld en zo nodig verwerkt in het artikel. Met recht kan daarom worden gesproken over hét ‘Wabo-overzichtsartikel’ en de kans voor u als lezer om weer helemaal ‘up to date’ te geraken op het gebied van deze wet.

Allereerst wordt uitgebreid stilgestaan bij het overgangsrecht. De voorheen geldende wet- en regelgeving moet namelijk zo vloeiend mogelijk overlopen in de nieuwe wet. Vooral in de periode direct na de invoering van een nieuwe wet kunnen op dit vlak vragen rijzen. De meeste jurisprudentie heeft betrekking op het toepassen van regels uit de Invoeringswet Wabo. De Invoeringswet Wabo bleek echter niet allesomvattend te zijn. De Afdeling heeft voor deze gevallen zelf in overgangsrecht voorzien, zoals blijkt uit een aantal belangwekkende uitspraken.

Belangrijke vragen die voor de inwerkintreding van de Wabo al rezen, hadden onder meer betrekking op het belanghebbendenbegrip. Een omgevingsvergunning kan uit meerdere toestemmingen bestaan, zoals bijvoorbeeld een toestemming voor het kappen van een boom, het slopen van een gebouw en het bouwen van een nieuw bouwwerk. Welke personen kunnen echter tegen deze omgevingsvergunning opkomen? Kan iemand die door één van deze toestemmingen wordt geraakt ook bezwaar maken tegen de andere onderdelen waarvan deze persoon geen hinder ondervindt? De Afdeling heeft deze vragen duidelijk beantwoord in een tweetal uitspraken. Deze uitspraken zijn al veelvuldig besproken in de literatuur. In aanvulling hierop geeft het artikel een overzicht van de reacties die deze uitspraken hebben losgemaakt.

Vervolgens gaat het artikel in op de verschillende toetsingskaders. Hoewel de wetgever geen inhoudelijke wijzigingen heeft beoogd, zijn deze in de jurisprudentie wel te bespeuren. In het artikel wordt stilgestaan bij de weigeringsgronden van de verschillende omgevingsvergunningen. Vragen als: “op welke gronden kan mijn omgevingsvergunning voor het bouwen worden geweigerd?” en “wanneer mag ik gronden gebruiken in afwijking van het bestemmingsplan?” komen hier aan bod. Ook wordt aandacht besteed aan de vraag wanneer verschillende toestemmingen samen moeten worden aangevraagd. Dit betreft het vraagstuk van de zogenaamde ‘onlosmakelijke samenhang’.

In de Wabo is een apart hoofdstuk opgenomen over handhaving. De eerste jurisprudentie over dit nieuwe hoofdstuk blijft zeker niet onbesproken. ‘Welk bestuursorgaan mag handhavend optreden?’ of ‘onder welke omstandigheden mag onder de Wabo een vergunning worden ingetrokken?’. Deze, en nog vele andere vragen over handhaving worden beantwoord aan de hand van de jurisprudentie van het afgelopen jaar.

Indien bovenstaande uw belangstelling heeft gewekt, kunt u hier doorklikken om het gehele artikel in te zien. Zoals gezegd is dit artikel verschenen in het gerenommeerde tijdschrift ‘De Gemeentestem’, maar voor u geheel kosteloos te downloaden.