Commissie stemt in met nieuwe DAEB-regels
(30 januari 2012)

De Europese Commissie (‘de Commissie’) heeft op 20 december 2011 een herziene versie goedgekeurd van het pakket EU-staatssteunregels dat ziet op de beoordeling van overheidscompensatie voor diensten van algemeen economisch belang (‘DAEB’). Het pakket bestaat uit een viertal instrumenten. Met inwerkingtreding van het pakket op 31 januari 2012 wordt het beleid op een aantal punten gewijzigd.

DAEB

De vraag of sprake is van een DAEB is van belang bij van het verlenen van staatssteun. Artikel 107 lid 1 van het Verdrag betreffende de Werking van de Europese Unie (‘VWEU’) bepaalt wanneer sprake is van staatssteun. Het gaat hierbij om overheidsmaatregelen die ondernemingen een financieel voordeel opleveren ten opzichte van andere ondernemingen. Wanneer een overheid voornemens is staatssteun te verlenen dient dit tijdig te worden gemeld bij de Commissie, tenzij de te verlenen steun is vrijgesteld in één van de vrijstellingsverordeningen.

Compensatie die ziet op een DAEB is geen staatssteun in de zin van artikel 107 lid 1 VWEU en niet hoeft te worden aangemeld. Dit heeft het Hof van Justitie in 2003 bepaald in het Altmark-arrest (zaak C-280/00). Onder DAEB vallen diensten die door overheidsinstanties van algemeen belang worden geacht. DAEB onderscheiden zich van gewone diensten door de aanwezigheid van publieke belangen met betrekking tot kwaliteit, toegankelijkheid en leveringszekerheid. Denk hierbij aan sociale huisvesting of gezondheidszorg.

Naar aanleiding van het Altmark-arrest heeft de Commissie een wetgevingspakket aangenomen dat in juli 2005 inwerking trad. Dit pakket bevatte de voorwaarden waarop staatssteun in de vorm van compensatie verenigbaar is met het VWEU.

Nieuw pakket

Het nieuwe pakket bestaat uit vier instrumenten:

  1. Een mededeling die een toelichting geeft op basisbegrippen;
  2. Een herzien besluit op grond waarvan bepaalde categorieën DAEB’s voor de openbare dienst niet meer vooraf bij de Commissie gemeld hoeven worden;
  3. Een herziene kaderregeling voor het beoordelen van grote compensatiebedragen voor partijen die actief zijn buiten de sociale dienstverlening; en
  4. Een voorstel voor een de-minimisverordening dat naar verwachting in het voorjaar wordt aangenomen.

Een aantal aspecten uit het nieuwe pakket springt in het oog. Allereerst geeft de mededeling een toelichting op basisbegrippen uit het staatssteunrecht. Daarnaast waren voorheen alleen ziekenhuizen en woningcorporaties vrijgesteld van de aanmeldingsverplichting. In het herziene besluit wordt deze vrijstelling verruimd. Zo vallen onder meer kinderopvang en toegang tot de arbeidsmarkt hier in de toekomst onder. Daarnaast wordt voor een aantal andere DAEB’s de aanmeldingsdrempel verlaagd van EUR 30 miljoen naar EUR 15 miljoen. In de kaderregeling is een methodiek opgenomen ter bepaling en beoordeling van grotere compensatiebedragen voor ondernemingen die actief zijn buiten de sociale dienstverlening. Ten slotte zal in de nieuwe de-minimisverordening worden bepaald dat compensatie die onder een bepaalde drempel valt, niet onderhevig is aan het staatssteuntoezicht.

Met inwerkingtreding van het nieuwe pakket is niet gezegd dat het voor overheden duidelijker en eenvoudiger wordt om steun te verlenen die ziet op DAEB’s. Een aantal punten roept vragen op, zoals de kostenberekening voor DEAB-compensaties. Ook is niet duidelijk hoe de nieuwe regels zich verhouden tot de aanbestedingsregels.

Meer weten? Neem vrijblijvend contact op met:

Suzan van Kuppeveld
T. 073-6927 757
E. s.vankuppeveld@banning.nl

 

« terug