
Hirsch Ballin pakt excessieve bonussen van bestuurders aan
(3 mei 2010)
Minister Hirsch Ballin van Justitie zal op korte termijn een wetgevingstraject starten teneinde het terugvorderen van bonussen van bestuurders (ook wel ‘claw back’ genoemd) en de toetsing van het toekennen van bonussen van bestuurders aan de redelijkheid en billijkheid wettelijk te verankeren.
De bezoldiging van bestuurders is een issue sinds de jaren negentig van de vorige eeuw. De Commissie Corporate Governance Code heeft in 1997 reeds aanbevolen dat het financieel verslag van een onderneming informatie dient te bevatten over de bezoldiging van de bestuurders, onder meer door inzicht te geven in het aandelenbezit. De openbaarmaking van de bezoldiging en het aandelenbezit van bestuurders en commissarissen is later zelfs verplicht gesteld in art. 2:383b BW. De wetgever overwoog dat ‘de bij de vennootschap en de daarmee verbonden onderneming betrokkenen er recht op hebben geïnformeerd te worden over de bedragen die met het aantrekken respectievelijk vasthouden van bestuurders en commissarissen gemoeid zijn. Alleen op die manier is een op de feiten gebaseerd oordeel over de kosten van bestuur en toezicht in verhouding tot de prestaties van onderneming en ondernemingsleiding mogelijk’ (MvT Kamerstukken II 2000/2001, 27900, nr. 3).
Sinds 2004 heeft de algemene vergadering van aandeelhouders de bevoegdheid het bezoldigingsbeleid vast te stellen, inclusief de toekenning van bonussen (art. 2:135 BW). In de praktijk is het vaak de raad van commissarissen die verantwoordelijk is voor de vaststelling van de bezoldiging van individuele bestuurders bij beursvennootschappen. De Corporate Governance Code 2008 geeft de raad van commissarissen instrumenten om het vaststellen van de bezoldiging zorgvuldig uit te voeren. De redelijksheidstoets en de claw back bevoegdheid zijn neergelegd in best practice bepalingen II.2.10 en II.2.11. De Corporate Governance Code 2008 is bij besluit van 10 december 2009 aangewezen als gedragscode in de zin van artikel 2:391 lid 5 BW en daarmee wettelijk verankerd, in die zin dat in het jaarverslag van de onderneming verantwoording moet worden afgelegd over naleving van de Corporate Governance Code. De gedachte is dat de raad van commissarissen de redelijkheidstoets en de claw back clausule in nieuwe contracten met bestuurders opneemt en zich inspant om bestaande contracten open te breken om deze bevoegdheden daarin vast te leggen. Dit vereist wel medewerking van de bestuurders.
Het kabinet acht dit niet voldoende. De raad van commissarissen dient zelfstandig te beschikken over de bevoegdheid tot aanpassing dan wel terugvordering van bonussen. Hiertoe wordt thans een wetsvoorstel voorbereid. Dit wetsvoorstel moet de raad van commissarissen in staat stellen te verzekeren dat de beloning van bestuurders bijdraagt aan het belang van de onderneming en daarmee aan de samenleving als geheel. De raad van commissarissen moet de waarde van de bonus aan kunnen passen als blijkt dat uitbetaling in strijd zou komen met de doelstellingen van het vastgestelde beloningsbeleid en op gespannen voet staat met de economische situatie waarin de vennootschap zich bevindt. De aanpassingsbevoegdheid kan worden uitgeoefend in het geval dat onverkorte uitbetaling naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is. De terugvorderingsbevoegdheid kan worden uitgeoefend in het geval dat de uitbetaling is gebaseerd op onjuiste informatie. De raad van commissarissen moet in het jaarverslag verantwoording afleggen aan de algemene vergadering van aandeelhouders over het al dan niet gebruik maken van de bevoegdheid tot aanpassing en terugvordering.
Het wetsvoorstel waarin deze bevoegdheden worden verankerd zal op korte termijn beschikbaar worden gesteld voor consultatie.
Advocaten:









