
Nederlandse rechtspraak toegankelijker na wetswijziging
(3 augustus 2009)
De rechtspraak in Nederland zal in de toekomst hoogstwaarschijnlijk toegankelijker worden voor de burger. De bevoegdheid van de kantonrechter om zaken te behandelen wordt uitgebreid. Hierdoor zullen burgers minder vaak verplicht worden een advocaat in te schakelen.
Dit blijkt uit een wetsvoorstel dat op initiatief van minister Hirsch Ballin van Justitie bij de Tweede Kamer is ingediend. Los van dit wetsvoorstel wordt een algemene herziening van de gerechtelijke kaart van Nederland voorbereid, waardoor het aantal arrondissementen en ressorten en daarmee het aantal gerechtsbesturen kleiner wordt. De minister heeft de Tweede Kamer toegezegd voor het eind van dit jaar zijn definitieve plannen voor de herziening van de gerechtelijke kaart te presenteren. Uiteindelijk zal dit leiden tot een zelfstandig nieuw wetsvoorstel herziening gerechtelijke kaart. Het ingediende wetsvoorstel gaat uit van de huidige gerechtelijke kaart, waarbij de rechtspraak nu al enige ruimte en flexibiliteit krijgt om knelpunten in het rechtssysteem op te lossen.
Bevoegdheidsuitbreiding kantonrechter
Essentieel punt uit het voorstel is de bevoegdheidsuitbreiding van de kantonrechter. De kantonrechter zal zodra het nieuwe voorstel is aangenomen de mogelijkheid krijgen om meer zaken te behandelen. Op dit moment kunnen veel zaken met een waarde tot € 5.000 worden voorgelegd aan de kantonrechter. Dit bedrag gaat fors omhoog naar € 25.000.
Daarnaast wordt de kantonrechter bevoegd in alle geschillen over consumentenkrediet (hierbij gaat het om leningen tot € 40.000) en consumentenkoop. Hierdoor wordt het voor burgers gemakkelijker om relatief eenvoudige zaken aan de rechter voor te leggen. Het kabinet vindt het belangrijk dat de laagdrempelige, efficiënte en klantvriendelijke werkwijze van de kantonrechtspraak structureel wordt versterkt.
Efficiency binnen de rechtspraak
Voor een goede toegankelijkheid van de rechtspraak moet de behandeling van algemene en veel voorkomende zaken in eerste instantie binnen alle arrondissementen gegarandeerd blijven. Wanneer een rechtbank tijdelijk niet over genoeg capaciteit beschikt, kan een zaak door een andere rechtbank binnen het ressort worden overgenomen. In de nieuwe opzet krijgt de Raad voor de rechtspraak de bevoegdheid om deze zogenaamde nevenlocaties aan te wijzen. Nu staan alle nevenlocaties nog opgesomd in de wetgeving over de rechterlijke organisatie.
Omdat het zaaksaanbod tussen de vijf verschillende gerechtshoven in Nederland onevenwichtig is verdeeld, heeft het kabinet samen met het openbaar ministerie en de Raad voor de rechtspraak gekeken naar de indeling van de ressorten. Nederland is onderverdeeld in vijf ressorten met een eigen gerechtshof. Elk ressort omvat één of meer provincies en telt een aantal arrondissementen met een eigen rechtbank.
De nieuwe indeling uit het wetsvoorstel is als volgt:
- ressort Amsterdam - provincie Noord-Holland
- ressort Arnhem - provincies Gelderland en Utrecht
- ressort Den Haag - provincie Zuid-Holland
- ressort Den Bosch - provincies Limburg, Noord-Brabant en Zeeland
- ressort Leeuwarden - provincies Drenthe, Flevoland, Friesland, Groningen en Overijssel
Klachtenregeling
Het wetsvoorstel bevat ook regels over de mogelijkheid voor burgers om klachten over rechters in te dienen bij de Hoge Raad. Deze procedure is een aanvulling op de mogelijkheid om eerst een klacht te laten behandelen bij het gerecht waar de betrokken rechter werkzaam is.
Al met al vele voorstellen die moeten leiden tot een meer toegankelijkere rechtspraak voor vooral de burgers. De verhoging van de bevoegdheidsgrens van de kantonrechter tot het bedrag van € 25.000,- betekent dat burgers meer in persoon kunnen procederen. Hierdoor hoeven zij niet direct te worden vertegenwoordigd door een advocaat wanneer de waarde van het geschil niet meer beloopt dan dat bedrag. Ook de uitgebreide bevoegdheid van de kantonrechter ten aanzien van consumentenkrediet en consumentenkoop zal er voor gaan zorgen dat burgers eerder en gemakkelijker de weg naar het recht zullen vinden.
Bron: persbericht ministerraad 27 juli 2009
Advocaten:









