
Per 1 oktober 2009 verbod op verzending van spam aan bedrijven
(1 juli 2009)
In navolging van het reeds op 19 mei 2004 ingevoerde verbod tot het versturen van spam aan consumenten is het vanaf 1 oktober 2009 ook verboden om spam aan bedrijven te verzenden.
Om te bezien of dit verbod enige gevolgen heeft voor uw bedrijfsvoering zullen we bij het begin beginnen, namelijk met de vraag wat spam nu eigenlijk is.
Spam is het ongevraagd toezenden van berichten van commerciële, ideële en of charitatieve aard, zulks door middel van i) automatische oproepsystemen zonder menselijke tussenkomst, ii) een fax en/of iii) elektronische berichten.
Het versturen van spam is in beginsel verboden, tenzij daar vooraf toestemming voor is gegeven. Daarbij geld eveneens dat u aan dient te kunnen tonen dat de desbetreffende geadresseerde daadwerkelijk toestemming heeft verleend.
Op het verbod tot verzenden van spam geldt wel een uitzondering, namelijk dat het gebruik van elektronische contactgegevens voor het ongevraagd toezenden van commerciële, ideële en of charitatieve berichten niet verboden is, voor zover dit geschiedt in het kader van een bestaande klantrelatie. Onder elektronische contactgegevens wordt niet alleen een e-mailadres verstaan, maar ook een mobiel nummer ten behoeve van marketing via sms en of mms. Dit is echter alleen toegestaan voor zover het ongevraagd toezenden betrekking heeft op informatie over eigen en gelijksoortige producten en/of diensten van de verzender, waarbij het eveneens van belang is dat de klant in alle redelijkheid de te verzenden elektronische communicatie had kunnen verwachten in het kader van de door de klant aangeschafte producten en of diensten, dan wel op basis van de informatie die aan de klant bij aankoop is verstrekt. Het is in dit kader overigens wel verplicht om bij verzameling van de klantgegevens deze klant uitdrukkelijk een opt-out mogelijkheid te bieden. Dit houdt in dat de geadresseerde de mogelijkheid moet worden geboden om kosteloos en op gemakkelijke wijze verzet aan te tekenen tegen het gebruik van elektronische contactgegevens. Deze mogelijkheid moet de geadresseerde overigens bij elke verzending van ongevraagde berichten opnieuw geboden worden.
Daarnaast wil ik in dit kader nog opmerken dat de verzender te allen tijde een informatieplicht heeft. Bij de toezending van elektronische berichten dient altijd vermeld te worden door wie of namens wie het bericht verzonden wordt, waarbij er geen gebruik gemaakt mag worden van aliassen en daarnaast dient er een geldig postadres of e-mailadres vermeld te worden waar de ontvanger een verzoek kan indienen om dit soort berichten niet langer toegestuurd te krijgen.
Met de uitbreiding van het spamverbod heeft de wetgever ook een versoepelde regeling in het leven geroepen voor rechtspersonen, dan wel natuurlijke personen die handelen in de uitoefening van een beroep of bedrijf. De wetgever is namelijk van mening dat bedrijven zelf moeten kunnen bepalen of ze elektronische marketingberichten willen ontvangen. Bedrijven kunnen dit doen door dit bijvoorbeeld aan te geven op hun website, waarbij zij voor dit soort berichten bijvoorbeeld een e-mailadres ter beschikking stellen.
De handhaving ligt met uitzondering van het schenden van de informatieplicht, hetgeen een economisch delict is, bij de OPTA. Op het overtreden van de informatieplicht staat een maximale boete van € 18.500,- of een maximale hechtenis van ten hoogste zes maanden, echter daarnaast kunnen ook aanvullende sancties worden opgelegd, zoals het stilleggen van de onderneming. De OPTA schaalt overtredingen van het spamverbod als minder ernstig in, echter de OPTA is ook van mening dat spam versturen niet mag lonen, derhalve is aan de maximale boete van € 100.000,- toegevoegd dat deze boete in bepaalde gevallen meerdere malen opgelegd mag worden en indien de veroorzaakte schade of het verkregen voordeel hier aanleiding toegeeft dan kan de overtreding alsnog als “zeer zwaar” aangemerkt worden, waardoor de boete maximaal € 450.000,- bedraagt.









