
» Vastgoed / Projectontwikkeling
Het besluit luchtkwaliteit nader beschouwd
(14 oktober 2005)
In het meinummer van ons Vastgoedbulletin zijn de gevolgen van de jurisprudentie van ons hoogste bestuursrechtelijke rechtscollege, de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, hierna te noemen: "de Afdeling", betreffende het Besluit luchtkwaliteit 2001in relatie tot de ruimtelijke besluitvorming aan de orde gekomen. Eén ding was duidelijk, het Besluit luchtkwaliteit 2001 bleek een strop om de nek van veel bouwplannen. De oorzaak van deze strop was gelegen in de koppeling, die was gelegen tussen luchtkwaliteitsnormen en ruimtelijke plannen. Plannen van het ministerie van VROM om de gevolgen van de jurisprudentie van het Besluit luchtkwaliteit 2001 te beperken, konden geen genade vinden in de ogen van zowel de Afdeling als Brussel. Langzaam werd dan ook duidelijk, dat enkel een nieuw Besluit luchtkwaliteit uitkomst kon bieden. Sneller dan verwacht, is het dan zover. Op 5 augustus jl. is het nieuwe Besluit luchtkwaliteit 2005 in werking getreden. De grote vraag is nu: is het Blk 2005 de oplossing voor het knellende probleem van de luchtkwaliteit bij het realiseren van bouwprojecten bij en aan grote wegen?
In zowel het Besluit luchtkwaliteit 2001 als het Besluit luchtkwaliteit 2005 is
bepaald, dat de luchtkwaliteit aan bepaalde grenswaarden moet voldoen. Deze
grenswaarden zijn een resultaatverplichting. Bestuursorganen zoals gemeenten
moeten de grenswaarden dus expliciet bij de ruimtelijke afweging betrekken en
dienen zich daarvan ook rekenschap te geven.
Samenvattend komen de verschillen tussen het Besluit luchtkwaliteit 2001 en het Besluit luchtkwaliteit 2005 op het volgende neer.
Naast het buiten beschouwing laten van - niet voor de gezondheid van de mens schadelijke - concentraties fijn stof, die zich van nature in de lucht bevinden, is tevens een versoepeling gelegen in het toepassen van de saldomethode. Deze saldomethode biedt de mogelijkheid om ondanks een overschrijding van de grenswaarden toch een ruimtelijk besluit te nemen, indien tegenover een kleine overschrijding op de ene locatie staat een aanmerkelijke verbetering op een andere locatie. Een standaardvoorbeeld is de aanleg van een nieuwe rijksweg rondom een stad. Deze nieuwe weg kan dan weliswaar leiden tot een overschrijding van de grenswaarden rondom de rondweg, maar zorgt eveneens voor een aanzienlijke verbetering van het verkeer in de drukbezochte - en aan hevige luchtverontreiniging blootgestelde - woonkernen.
Een ander winstpunt van het Besluit luchtkwaliteit 2005 is de aanvaarding van het standstill-principe. Dit principe houdt in, dat projecten ook doorgang kunnen vinden als grenswaarden worden overschreden, maar het project waarvoor planologische medewerking is verleend zelf geen bijdrage levert aan de overschrijding of zelfs een verbetering van de luchtkwaliteit bewerkstelligd. In de navolgende uitspraak van de Afdeling komt de versoepeling van het nieuwe Besluit luchtkwaliteit 2005 voor het eerst duidelijk naar voren.
Uitspraak van de Voorzitter van de Afdeling van 18 oktober jl.
Op 18 oktober jl. heeft de Voorzitter van de Afdeling betreffende een verzoek tot schorsing van de milieuvergunning van het ADO Den Haagstadiom geoordeeld, dat een reeds bestaande overschrijding van de grenswaarden niet in de weg staat aan het uitoefenen van een bevoegdheid, zolang de concentratie van de betrokken stof in de buitenlucht niet verder toeneemt.
Daarnaast komt de Voorzitter tot een ander belangrijk oordeel, namelijk, dat indien de luchtkwaliteit boven het midden van de rijbaan bij de toetsing van de grenswaarden in aanmerking zou moeten worden genomen, er praktisch in geen enkel geval aan de grenswaarden zou kunnen worden voldaan. Op deze wijze zou een zinvolle toepassing van het Besluit luchtkwaliteit 2005 op voorhand onmogelijk zijn, aldus de Voorzitter.
Tegen die achtergrond gaat de Voorzitter ervan uit dat bij de beoordeling van de effecten van het bij de inrichting behorende verkeer op de luchtkwaliteit, de bijdrage van het verkeer op een afstand van minder dan vier meter vanaf het midden van de rijbaan niet in aanmerking hoeft te worden genomen.
Hoewel het hier een voorlopig oordeel betreft, toont deze uitspraak direct de verdiensten van het nieuwe Besluit luchtkwaliteit 2005.
Advocaten:









