
» Vastgoed / Projectontwikkeling
Eerste uitspraken onder het nieuwe Besluit luchtkwaliteit
(3 mei 2006)
In eerdere uitgaven van dit bulletin is uitvoerig stilgestaan bij de gevolgen van het Besluit luchtkwaliteit voor de praktijk van de ruimtelijke ordening en het milieurecht. Op 1 augustus 2005 is het (nieuwe) Besluit luchtkwaliteit 2005 in werking getreden, dat voorziet in een zekere versoepeling ten opzichte van het Besluit luchtkwaliteit 2001. De vraag was hoe de bestuursrechter daarmee zou omgaan. De eerste uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak lijken te bevestigen dat de bestuursrechter met de door de staatssecretaris beoogde versoepeling wil meegaan.
In een uitspraak van 14 december 2005 ging het over een vergunning ten behoeve
van werkzaamheden voor de realisatie van 125 woningen in de gemeente Loenen. De
Afdeling stelde vast dat de daarbij aan te leggen bouwweg relevante gevolgen had
voor de luchtkwaliteit ter plaatse en dat het desbetreffende
vrijstellingsbesluit bij gebreke van onderzoek naar de gevolgen van bouwweg voor
luchtkwaliteit niet met de vereiste zorgvuldigheid genomen was. Desalniettemin
oordeelde de Afdeling dat de rechtsgevolgen van het besluit in stand konden
blijven, omdat uit onderzoek tijdens de fase van het hoger beroep gebleken was
dat de aanleg van de bouwweg niet zou leiden tot een overschrijding van de
grenswaarden, zoals die onder het Blk 2005 gelden, terwijl er ten aanzien van de
situatie na realisatie van de 125 woningen door de Afdeling werd gewezen op
artikel 7 van het Blk 2005. Dit artikel maakt het - anders dan onder het Blk
2001 het geval was - mogelijk een overschrijding van grenswaarden toe te laten,
zolang de concentratie van de betrokken stof in de buitenlucht per saldo
verbetert of tenminste gelijk blijft. Anders dan voorheen geldt derhalve niet
meer, dat in een reeds overbelaste situatie iedere toename van de concentratie
van fijne stof tot stillegging van het project moet leiden, omdat het Blk 2005
in die situaties, waarin in de bestaande situatie de grenswaarden van het
besluit reeds overschreden worden, de bestaande situatie als grenswaarde geldt.
In een uitspraak van 22 december 2005 ging het om een bestemmingsplan in de gemeente Edam-Volendam, dat voorzag in de bouw van onder meer 1050 woningen, een zorgcomplex en bijbehorende ontsluitingswegen. Ook daarin was onvoldoende onderzoek gedaan naar de vraag of de uitvoering van dit plan leidde tot een overschrijding of een toename van de overschrijding van de in de Blk genoemde grenswaarden, terwijl reeds sprake was van een overschrijding van de grenswaarde voor de 24-uur gemelde concentratie PM10. Voorheen zou dit hebben geleid tot vernietiging van het bestreden besluit. Nu oordeelde de bestuursrechter dat in deze situatie een beroep zou kunnen worden gedaan op de in het Blk 2005 opgenomen salderingsmethode. De gemeente had zich op het standpunt gesteld, dat de beoogde ontsluitingswegen niet zouden leiden tot een toename van het aantal verkeersbewegingen, maar tot een verplaatsing en wel een dusdanige verplaatsing dat de overbelaste situatie gedeeltelijk werd ontlast. De Voorzitter van de Afdeling oordeelde, dat er op deze salderingsmethode weliswaar een beroep kon worden gedaan, maar dat die stelling dan wel nader moest worden onderbouwd met onderzoeksgegevens. Omdat GS en de gemeente die niet konden overleggen, terwijl evenmin was gebleken dat anderszins onderzocht was wat de gevolgen voor luchtkwaliteit van de ruimtelijke ontwikkelingen zouden zijn, werd het bestreden besluit geschorst in afwachting van de bodemprocedure. Gemeente en provincie weten derhalve wat hen in deze zaak te doen staat.
Tenslotte was er nog uitspraak van 18 januari 2006 over het nieuwe ADO-Stadion, die al ruime aandacht in de kranten gekregen heeft. Nadat de milieuvergunning eerder door de Afdeling vernietigd was, omdat sprake was van een overschrijding van de grenswaarde onder het Blk 2001, kon bij de beoordeling van de nadien opnieuw verleende milieuvergunning worden uitgegaan van het Blk 2005. Dit kent, zoals hiervoor aangegeven, niet alleen ruimere beoordelingsmogelijkheden, maar - in dit geschil cruciaal - ook een andere wijze van meten. Werd voorheen gemeten boven het wegdek, op grond van artikel 7 van het Blk 2005 moet toepassing worden gegeven aan de Meetregeling luchtkwaliteit 2005, die de afstand van het meetpunt tot het midden van het dichtsbij gelegen rijbaan op tenminste 4 meter plaatst. Dit leidde tot een beduidend gunstiger beoordeling, waarin de toename van concentratie nauwelijks meer meetbaar was. De vergunning haalde ditmaal dus wel de eindstreep.
De eerste uitspraken lijken derhalve redelijk positief uit te pakken. Feit blijft wel dat het nog steeds het adagium geldt: meten is weten. Het Besluit luchtkwaliteit 2005 kent ruimere mogelijkheden dan het Besluit luchtkwaliteit 2001, maar er moet wel goed en duidelijk onderzoek verricht zijn naar de gevolgen voor de luchtkwaliteit van het betreffende besluit.
Wij houden u van de verdere ontwikkelingen op de hoogte.
Advocaten:









